jaar 2025

Interview met Anita van der Haar van ziekenhuis St Jansdal

‘Jarenlang grote ambities waarmaken, ondanks kleine portemonnee’

  • Interview met Anita van der Haar van ziekenhuis St Jansdal
  • Interview met Anita van der Haar van ziekenhuis St Jansdal

Beschrijving

De ingrijpende bouwactiviteiten van ziekenhuis St Jansdal duren nu ruim zes jaar. Bekende uitdagingen daarbij: patiënten mogen er zo min mogelijk van merken, techneuten zijn schaars, budgetten klein en duurzaamheid is belangrijk. Bouwdirecteur Anita van der Haar schetst: ‘Dit is Rubik’s cube; alle vakjes moeten op de juiste plaats.’ Wat betekent dat concreet?

‘We zijn natuurlijk geen commercieel bedrijf. Ik besef de hele tijd dat ik werk met maatschappelijk geld. Het is onze plicht om dat zo goed mogelijk te besteden. Ziekenhuizen hebben gemiddeld één procent rendement. Er hoeft maar iets tegen te zitten en je duikt in de rode cijfers. Dat is bij ons vorig jaar ook gebeurd. Inmiddels hebben we dat gelukkig kunnen bijsturen. Ondanks de kleine portemonnee zeggen we toch op allerlei punten: “Hier gaan we geen concessies aan doen.” Dan moet je met elkaar kijken hoe je het kan oplossen.’

Wat is een goed voorbeeld daarvan?
‘Voor ziekenhuizen is het heel gewoon om bij elkaar op bezoek te gaan; kijken naar elkaars oplossingen. Zo bestudeerden we bij Tergooi in Hilversum een groot verhuisprogramma, compleet met patiënten. Dat speelt bij ons ook. Je hebt als buitenstaander geen idee wat daar allemaal bij komt kijken. Ruimtes valideren. Mensen opleiden. Alle systemen inregelen. Plus alle praktische zaken als gordijnen en haakjes ophangen. Het kost veel tijd en geld.’

Kon je hun oplossing kopiëren?
‘Hun ervaringskennis was heel leerzaam, maar je moet cases uit andere ziekenhuizen altijd vertalen naar je eigen situatie. Bovendien: we hebben er veel partijen bij nodig, die je allemaal moet uitleggen wat het voor hen betekent. En moet vragen of ze meedoen, inclusief veel extra avondwerk. Dat lukte door afstemming en vertrouwen tussen alle partners. Samen hebben we de sprong gewaagd.’

En hoeveel schoot ‘de kleine portemonnee’ hiermee op?
‘Tonnen! Door tijdens de bouwperiode al andere werkzaamheden te kunnen doen. Dus er loopt dan van alles door elkaar. En alle planningen moeten gehaald worden, als een soort militaire operatie. Resultaat was dat wij een kliniek opleverden, precies één dag voordat de patiënten binnenkwamen. Iedereen in ons vak weet: dat kan helemaal niet. Maar het gebeurde wel. Echt een teamprestatie. En dat bedrag kunnen we nu teruggeven aan de gezondheidszorg. Daar doen we het allemaal voor!’

Dit gaat om meer dan iets zakelijks?
‘Zeker! Alle zorginstellingen samen zijn verantwoordelijk voor goede zorg in dit land. En wij in het bijzonder voor de regio rond Harderwijk en Lelystad. Daarbij: dit is echt “mijn” regio. Ik ben hier opgegroeid en woon er nog steeds, net als mijn familie en vrienden. Als ik hier door de gangen loop, zie ik regelmatig patiënten die ik ken, omdat ze bijvoorbeeld buren of collega waren. Ik voel constant voor wie ik dit doe.’

Helpt die nauwe band ook bij het vinden van nieuwe technische medewerkers?
‘Wij willen altijd op de aardappelkist klimmen om te vertellen hoe leuk techniek is. Daarvoor trekken we uiteraard op met de onderwijsinstellingen in de regio: MBO, HBO, technasium, alles. Maar ik zeg ook tegen Halmos, Unica en al onze andere partners: organiseer een event, of stuur mensen langs. We spannen ons extra in om jonge vrouwen aan te trekken. Gelukkig werken bij ons al vrouwen in de techniek. We merken: de mix is belangrijk.’

Kijkend naar jarenlang (ver)bouwen: wat is de rode draad?
‘Dit is een gebouw uit de jaren ’80. Dus dat kon in allerlei opzichten natuurlijk niet meer mee. Toen ik kwam, ruim zes jaar geleden, was er een begin van een masterplan. Dat hebben we uitgewerkt en dat volgen we nog. Na acht jaar is het klaar.’

Wat merkt de patiënt van de verbeteringen?
‘Gigantisch veel. De kliniek had vierpersoonskamers met kleine gedeelde sanitaire ruimtes. Oude techniek, zoals slechtere koeling. Er kwamen steeds meer spullen bij, en daar was geen plek voor, dus dat stond op de gangen. Het was overvol. Dus de huidige één- en tweepersoonskamers zijn een totaal andere wereld. Met veel meer rust en ruimte.’

Wat is nog niet gelukt?
‘Kantoorhuisvesting. Door onze focus op de primaire zorg, zitten diverse medewerkers op suboptimale plekken en worden vaak verhuisd. Dat leggen we steeds uit en dan wordt het gelukkig wel begrepen. De oplossing komt eraan.’

Verbouw is een uitgelezen moment voor verduurzaming.
‘Zeker, en dat willen onze bestuurders ook nadrukkelijk. We hebben een grote slag geslagen bij de bouw van een nieuwe kliniek van vier verdiepingen. Dat heeft een volledig hergebruikt betonnen casco uit 1986. Daarmee is natuurlijk veel CO2 bespaard. Verder zijn we elke dag bezig met energiemonitoring. Echt elke dag. Het basisprincipe “lamp uit wanneer je de kamer verlaat” passen we toe op complexere situaties, zoals in OK’s. Kunnen we daar bijvoorbeeld de luchtbehandelingskasten efficiënter inzetten? Dat vraagt interactie tussen de gebruikers van de OK’s en onze techneuten. Goed kijken wat voor operaties er worden uitgevoerd. Op welke momenten moet je echt 26 keer per minuut verversen en wanneer niet?’

Hier werken eigen technische mensen en externe partijen. Waar ligt de grens tussen zelf doen en uitbesteden?
‘Succesvolle projecten ontstaan meer door verwevenheid met elkaar dan door grenzen. Natuurlijk hebben we met alle partijen goed vastgelegd wie waarvoor verantwoordelijk is. Maar als je alleen al kijkt naar wat bijvoorbeeld Halmos hier in de praktijk doet: advies, engineering, bouwtoezicht, sparring partner, gedelegeerd opdrachtgever… Ze hebben met zoveel partijen te maken. Het is voor ons vooral belangrijk dat adviseurs zowel hun kennis delen, als open staan voor de inbreng van anderen. Want alle partijen hebben relevante voorkeuren, wensen en ervaringen. Zeker ook onze eigen technische afdeling. En die moet straks decennialang het onderhoud eraan verrichten. Dus daarvoor is belangrijk dat het gemaakt is op een manier waar zij achter kunnen staan. Tegelijkertijd: onze interne klanten willen soms ook “gouden kranen”. En dan moet een adviseur juist tegenwicht bieden. Dat samenspel snapt Halmos hartstikke goed. Je merkt sowieso dat ze onze sector echt begrijpen. Ze hebben meestal nog een paar andere oplossingen. Daar leren we van en dan bewegen we mee.’

Rob Franke

Directielid/ Adviseur Elektrotechniek

meer over Rob Franke

Opdrachtgever

St Jansdal

Rob Franke

Directielid/ Adviseur Elektrotechniek +31651225313

"Technische abracadabra vertalen en onze klanten helder informeren"

Al ruim 25 jaar betrokken bij het ontwerp en de begeleiding van de uitvoering van technisch complexe projecten door het hele land.

Ruim 33 jaar geleden vroeg Willem Harteveld mij: “zou je het leuk vinden om bij Halmos te werken”. Ik kende Willem als adviseur in een groot project in Den Haag waar ik namens de installateur als werkvoorbereider/projectleider actief was. Na een gesprek stemde ik toe met de gedachte: "gaat het niet kan ik altijd nog terug naar de uitvoerende kant”. Ik begon als assistent-projectleider, maar al snel mocht ik meewerken aan grote, technisch bijzondere projecten, zoals het hoofdkantoor van luchthaven Schiphol. Toen (en nog steeds) een spraakmakend gebouw van architect Wim Quist. Later volgden nog vele projecten op de nationale luchthaven en door het hele land. De technisch complexe projecten werden daarbij vaak 'mijn ding'. Zoals de bioscopen voor Pathé in Amsterdam en de Nolet Destilleerderij in Schiedam. Waar ik echt van geniet is om in gesprek met opdrachtgevers en gebruikers - mensen vaak zonder technische achtergrond - hun eisen en wensen te vertalen naar een ontwerp. Ook wil ik aan die mensen in normaal Nederlands kunnen uitleggen wat alle technische abracadabra op tekening precies betekent.Sinds begin 2000 ben ik verantwoordelijk voor alle IKEA-projecten en geef ik leiding aan een team van 4 tot 5 mensen binnen Halmos die daar bijna continu mee aan het werk zijn. Niet veel mensen weten dat een IKEA-vestiging flink veel technisch complexe installaties herbergt. Om deze allemaal te ontwerpen en de realisatie te begeleiden, is ontzettend leuk. Deze hele combinatie maakt het werken bij Halmos, na 33 jaar, nog altijd erg uitdagend en leuk.